Heel lief

image

“Zal ik zó dichtbij je komen zitten?” vraagt Kitty de vrouw en zet een stoel tegen haar rolstoel aan.
De vrouw lacht en zegt “ja.”
“Ik kan er nu makkelijk bij,” zegt Kitty en steekt haar hand uit naar de vrouw. De vrouw raakt Kitty’s hand aan.
“Heel lief,” zegt een man die een stukje verderop zit.
“Wie, ik?” vraagt Kitty.
“Nee dat niet echt,” zegt de man.
“Deze mevrouw dan?” vraagt Kitty.
“Oh Jaah! Die is heel lief,” zegt de man.
“Ik weet hoe je heet,” zegt Kitty tegen de man, “want daar heb ik een neus voor.”
“Weet je waar je neus op lijkt?” vraagt de man.
“Ik denk een tomaat,” zegt Kitty.
“Nee dat bedoel ik niet. En ik vertel het je ook niet. Dat moet je aan iemand anders vragen,” zegt hij.
“Zou de politie het antwoord weten?” vraagt Kitty aan de man.
“Ik denk het wel,” zegt hij, “die hebben er vaak mee te maken.”
Kitty gaat met haar tas bij een vrouw zitten die haar tas op schoot heeft.
“Mijn tas is te vol,” zegt Kitty en haalt het konijn eruit. “En die van jou?”
“Mijn tas niet,” zegt de vrouw en ze legt het konijn in haar tas. “We gaan naar huis,” zegt ze tegen het konijn. “Je moet om half negen naar bed.”
De vrouw staat op en Kitty volgt haar voorbeeld.
“Dan krijg je een knuffel,” zegt Kitty en de vrouw geeft haar een kus.
“En die knuffel?” vraagt Kitty, wijzend naar het konijn.
“Nee die hoort daar niet,” zegt de vrouw.
Ze geeft het konijn aan Kitty en gaat verder met koffiedrinken.

Bladwijzer de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *